Beste lezer,
Men kan altijd herbeginnen daar waar de verwarring begonnen is. En vandaar, anders dan het tot nog toe gegaan is, de tocht naar het herstel herdoen. En ja, bij een meisje dat de boel hier kwam plat leggen was dit aan de orde.
Ze zou de rest van haar dagen dodelijk triest zijn, zei ze, eenzaam ook en slachtoffer van vrijwel iedereen en ze was zo verdrietig en gemelijk over haar verlatenheid, dat elk mens en beest het gevoel kreeg op zijn tellen te moeten passen. Hier ging iets helemaal fout.
Zou iemand uit de groep een noot van vrolijkheid ten beste geven of enige frivoliteit, dan ging ze bliksemsnel ten aanval met een luid zuchten en steunen, wenen en piepen als een pasgeboren jong. Een oorverdovend jammeren.
De andere honden en jongmensen probeerden vooreerst dit meisje te troosten en oplossingen te zoeken, te luisteren en advies te geven. Een enkel moment stopte het zuchten en weeklagen dan en kon iedereen even adem happen, maar telkens een ander mens omzichtig trachtte te praten, begon het troosteloos brullen opnieuw. Het werd al snel duidelijk dat dit over een aanvallen ging eerder dan over tristesses en dat hier winnaars en verliezers zouden bij vallen als we niks zouden ondernemen.
De andere jong mensen zochten hun toevlucht tot elkander om na te gaan of de ander mogelijk in staat was uit te maken, wat in een dergelijk geval de beste handelwijze zou zijn.
Ikzelf, die in regel goed weet bij welk mensenjong ik best ga assisteren, was hier danig in de war. Dit meisje leek de laatste lucht uit de ruimte te zuigen. Ze ging in de aanval met haar verdriet en deed dit met zo’n overdondering dat iedereen werd plat geslagen. Luisteren kon ze niet. Ze beukte genadeloos door met haar gesnik en na een tijd was ze trillend moe en steeds eenzamer en verworpener. Het leek of er geen enkel overleg meer mogelijk was in dit groepje. Het meisje leek zinloos alle moois in haar omgeving te willen vernietigen. Alle honden lagen inmiddels stil bij elkaar op de matjes.





