Liefste lezer,
Niet alles en iedereen hoeft een naam te hebben voor ons roofdieren. Jullie – de mensen – en wij de honden hebben lang geleden besloten dat er dieren zijn die we eten, dieren die we aaien en dieren die we haten. Dat is niks nieuws. De spin die je net hebt doodgemept krijgt geen graf maar verdwijnt in de vuilnisbak. Het stuk kip op jullie bord wordt niet betreurd en ook het konijn tussen mijn tanden draag ik enkel een warm gevoel toe omwille van zijn verdomd lekkere voedingswaarde.
Tot zover dacht ik dat alles duidelijk was. Tot ik afgelopen week weer helemaal in de verwarring terecht kwam.
Het begint bij een jong mens die hier samen met andere mensenjongen over de vloer komt. Een mensenjong dat lijkt te leven op de rand van het bestaan en zeer veel besluiteloosheid toont ten aanzien van het doel ervan, brengt een heel eigen sfeer in onze roedel. ‘Dood aan het leven’, placht hij te zeggen en daarbij gaat een siddering door zijn lijf. ‘Dood als straf voor allen’, is een andere vaste zinssnede. Daar hebben we met z’n allen niet van terug want om zijn woorden kracht bij te zetten probeerde dit jong mens zoveel mogelijk te doden; planten, kleine diertjes, struikjes… Om efficiënt te zijn in deze onderneming zwaait het jongmens dan wild met kleine stokjes rond zich heen in de hoop een vlieg of een vlinder te kunnen neermeppen. Op nadrukkelijke vraag van mijn mens mag hij niet stokzwaaien in de buurt van honden en mensen. Gelukkig ! Enfin.. Ik vind het een nogal omslachtige manier van jagen.. Eéntje met veel verlies aan energie maar er is wel meer dat ik niet begrijp van mensen.




