Beste lezer,
Stilaan sta ik op gespannen voet met deze lange hete en droge zomer waarin alle leven tot schaarste wordt genoopt.
De vijver is gereduceerd tot een klein gelig plasje waarin het zompig stappen is. De appelboom lijkt het te zullen begeven en van pruimen is dit jaar geen sprake. Zelfs de wespen geven niet thuis.
De hete wind waait het stof uit de schapen die inmiddels naar de laatste graasplekjes zoeken.
De natuur is door de hitte deerlijk toegetakeld waardoor ik me stilaan afvraag wat nog overeind zal staan na deze droogte.
Het lijkt op een ravage door een balorige zon waarin verhakkelde stakkerds van bomen naar zuurstof en water snakken. Een macaber beeld van ontloofde stammen met de allure van kaalgeplukt gevogelte.
Op het domein staan hier en daar nog wat naakte stokken met een schraal kroontje getooid en daaronder takken die er als gebroken vlerken bijhangen.
Waar is de mens met al dat water gebleven ?? En hoe moet zo’n boom de kracht opbrengen om de waterige beslissingen van een mens te dragen ?
Het is de natuur menens. Zo veel is duidelijk.
Elk beest weet dat we in het rijk der schaarste zijn aanbeland. Eten , energie en vocht moet worden gespaard.
De gebronzeerde mens gaat echter in hetzelfde vaartje vrolijk verder. Ik zie ze hier hun verdorde en gekloven lippen betasten en zuchtend verder sjokken alsof de hitte een ballast is die moet worden mee gesjouwd.
Om ietwat te kunnen blijven functioneren in de hitte hebben sommigen zich ontdaan van de meeste stoffen. Zonder een noemenswaardige vacht en dus zonder bescherming tegen de zon, presenteren ze zich met blote benen en armen vol rode pukkels , hier en daar lelijk verbrand.
De plakkerigheid die met dit alles gepaard gaat vind ik persoonlijk fijn maar waarom ze hun energie niet beter sparen is me een raadsel.
De waarheid over de schaarste en hoe die heet komt aanwaaien lijkt nog niet te zijn doorgedrongen.
Met kannen koud water om al te heet gebakerd dieren en planten een sissende douche te bezorgen, gaat de mens vrolijk tekeer alsof de zaak hiermee zal worden opgelost.
Nu en dan treedt daarbij een korte wijle van gène op maar ook die waait snel over. Het is een gène die zich tot een oprisping lijkt te hebben beperkt.
Schoorvoetend begint deze omgegooide zomer zijn ware gelaat te tonen.
Ik stel me voor de mens bij wijze van inwijding in de schaarste een tijdje op droog brood en hondenkorrels te zetten.
Een voor de algemene conditie heilzame gedachte.
Uw droge
Titus




