Wat je nooit was kan je niet blijven

Beste lezer,

De innige band tussen mens en leiband, genoegzaam bekend onder ons honden, werd afgelopen week nog maar eens onderwerp van discussie tussen de honden en de jongeren.

Net als een ring rond de vingers van de mens, worden wij aangelijnd met touwen,  banden die ons vervolgens als keurslijven beklijven.

Daarna moet ge-wand-eld worden, niet gejaagd of gespeeld.. neen, ge-wan-deld. Het is iets van de mensen, die drang om te wan-de-len.

Ik stel mij er allang geen vragen meer bij maar ik merk bij een jonge recruut; een beginnende junior of pupje veel twijfel omtrent deze vreemde gewoonte om zonder jacht, zonder enge zinnige acitiviteit in bos of weide, te ‘wan-de-len’, om zich zonder aanwijsbare reden van het ene punt naar het andere te begeven om daarna terug te keren zonder buit, zonder nieuwe ontmoetingen, zonder nieuwe geur paletten, hoogtens met een geledigde blaas alsof iets dergelijks een doel op zich zou kunnen zijn.

Maar toch, zo gezegd, zo het bos ingestapt waarbij elke weldenkende hond duidelijk probeert te maken dat er geen leiband nodig is om een beest te laten volgen, maar de mens.. tja..

Een zielige enkeling heeft een mens te pakken met een riem in de ene en een wandelstok  in de ander hand. Een dergelijke hond staat een nieuwe obsessie te wachten, namelijk het zoek laten raken beide rekwisieten zodat daarna terug in vrijheid kan gelopen worden.

Als een  zich in deze betonnen wereld vergalopperende jachthond, een prins zonder koninkrijk,  eventjes alleen in dat kunstwoud, eventjes een beetje alleen met de dieren en de bomen van geur naar geur, sleurt zo’n beest dan zijn mens mee, in de hoop wat passie te ervaren voor modderrollen, konijnen beloeren, kadavers ophoesten of verworven schatten begraven..

Neen laten wij erover praten. het is nog banaler om over vergeten jachttrofeen – ik leef met een kreupel geheugen op dat vlak –  te praten dan over het weer, dus laten we het eventje banaal houden omtrent dat wan-de-len..

En dan de mens die qua geur en jachtinstincten in een soort ingedommeld universum lijkt te zijn beland en omwille van een belachelijk gebrekkige snelheid en behendigheid slechts kan proberen zonder vallen verder te klossen.Ha !

Vergeet niet mens, dat je een reputatie hebt hoog te houden, van het gevaarlijkste roofdier, toch liefst een klein beetje bewust van het vele leven rondom je eigenste zelve.

Maar gelukkig kan hij bij ons , zijn viervoetige broeders en zusters, weer vertrouwen tanken, zo’n mens;  en voldoende zelfoverschatting om zich geruisloos bij ons luitjes te proberen infiltreren.

Vernederend voor de mens, die probeert zich tussen het kreupelhout nog staande te houden als beest.

Maar bij ons fleurt hij uiteindelijk weer op, zelfs zonder geuren met de idee dat hij zijn zaakjes op een rij heeft in de natuur.

Enin.. een beetje hond probeert tijdens het wan-de-len natuurlijk ondubbelzinnig de menselijke gewongen richtlijnen in de wind te slaan terwijl de voorthossende mens hem probeert bij te benen.

Petje af, denk die mens dan waarschijnlijk, of mag ik hopen.

Ik mag de roem natuurlijk niet naar mijn hoofd laten stijgen; je moet tenslotte eenvoudig blijven.

En ja, ik heb besloten eenvoudig te blijven alhoewel de vraag kan gesteld worden of ik dat ooit ooit ben geweest. En wat je nooit was kan je niet blijven, da’s iets dat zeker is.

Het dringt nu dof tot me door. Ik zit met een overschot aan geluk.

Uw roemrijke

Titus

Mis geen enkele brief van Titus!

Schrijf u in op de nieuwsbrief 🐾

We sturen je geen spam! Lees ons privacybeleid voor meer informatie.

Hallo daar 🐾
Leuk je te ontmoeten.

Schrijf je in om onmiddellijk de nieuwste brief van Titus te ontvangen

We sturen je geen spam! Lees ons [link]privacybeleid[/link] voor meer informatie.